Pijn

Pijn kent iedereen en over de hele wereld is dat misschien wel het begrip wat je het makkelijkst uit kan leggen. Een universele gezichtsuitdrukking. Je hebt ergens bloed en over de hele wereld snappen ze, dat is ‘au’. Ergens een pleister? Duidelijk. Moeilijk kijken en wijzen naar de pijnlijke plek? Check.

Lichamelijke pijn is makkelijk uit te drukken. Soms zie je groen van misselijkheid en ziek zijn, scheel van de hoofdpijn. Mannen zijn grote aanstellers als ze pijn hebben, vrouwen gebruiken het om ergens onder uit te komen.

Geestelijke pijn is ook overal met handen en voeten duidelijk te maken. Een gebroken hart, luduvudut is overal bekend. Een overleden persoon? Met een kruis maak je duidelijk dat er iemand is overleden en als je een kruis slaat moet er gebeden worden voor iemand op een ziek- of sterfbed.

Gevoel en pijn is universeler dan we vaak denken. Soms is een gezichtsuitdrukking genoeg om te zien dat je even niet wilt praten, alleen maar een knuffel wilt of juist volledig met rust gelaten wil worden. Soms wordt er juist van je verwacht dat je er over praat over verantwoordelijkheid aflegt voor je gedrag. Maar bij veel pijn helpt dat niet. Sommige dingen zitten te diep om met een aai over je bol, twee zinnen praten kwijt te raken.

Heel soms is het fijn om alleen met je pijn te zijn. Bijvoorbeeld aan het graf van een dierbare, bij een bepaald liedje. Soms voel je lichamelijke pijn als versterking van je geestelijke pijn. Kan je overgeven omdat je je zo verdrietig voelt, geen hap door je keel krijgen van de zenuwen of voel je je zo ellendig dat je er misselijk van bent.

Soms wordt je ineens met je neus op de feiten en de pijn gedrukt. Hoe hard je ook probeert je te verzetten, soms moet je toegeven. Komt die pijn, lichamelijk of geestelijk, om je weer met beide benen op de grond te zetten. En alleen door toe te geven daaraan, kom je van die pijn af. Is dat het enige echt werkende medicijn. Dag pijn!

Post to Twitter

Bij neerleggen

Bij sommige dingen kun je niet anders dan je er bij neerleggen. Zoals het weer. Al zouden we nu allemaal een regendansje doen, het zou niets uitmaken. We hebben zoveel dingen niet onder controle, al denken we dat we de hele wereld kunnen besturen.

Gisteravond kreeg ik een kippenvel bericht. De broer van een vorig jaar overleden vriend, bleek hetzelfde onder de leden te hebben. Net 30 jaar, botkanker en opgegeven. In een jaar tijd zien zijn ouders twee van hun zonen kapot gaan aan kanker. Wat doe je dan? Probeer je dan nog te vechten, wil je dan nog strijden terwijl je eigenlijk al weet dat je hoe dan ook verliest? Blijf je sterk voor je kind, of durf je te laten zien dat je hier aan onder door gaat?

Uiteindelijk kun je niets anders dan je bij dit soort berichten neerleggen, het is al voor je bepaald. Makkelijk gezegd, je wilt niet zomaar opgeven. Voor jezelf niet, maar ook niet voor de ander. Dan is het net alsof je akkoord gaat met een dergelijk doodsvonnis. En het klinkt heel makkelijk, je bij dit soort berichten neerleggen. Dat kan niemand zonder blikken of blozen. Sommigen ontdekken na dit soort nieuws een soort oerkracht, overlevingsdrang. Anderen veranderen in apathische kamerplanten die wachten tot het zwaard van Damocles heeft toegeslagen zodat ze daarna weer langzaam verder kunnen, opbouwen.

Ik besef me na dit soort berichten des te meer dat het leven kort en kwetsbaar is, dat je daar zelf iets van moet maken en dat je je eigen geluk in de hand hebt. Het leven is een feestje, je moet alleen zelf de slingers ophangen.

Desbetreffend persoon heeft zich neergelegd bij zijn lot. Weet wat hij kan verwachten en wil er niet op wachten. Een begrijpelijke keus vind ik. Zijn ouders gelukkig ook, hoe moeilijk het ook is. Ondanks dat ze zich genoodzaakt voelden zich neer te leggen bij dit bericht, weet ik dat ze in de toekomst zullen vechten. Om te voorkomen dat dit nog meer gezinnen kapot maakt. Vechten tegen kanker in het algemeen, omdat het voor hun eigen kind niet meer mag baten.

Ik wil jullie ontzettend veel sterkte wensen de komende week, en natuurlijk daarna. Woorden schieten tekort.

Post to Twitter

Anders maar ook beter?

Dat wij anders zijn dan de Spanjaarden wisten we allemaal al. De crisis daar hebben ze volgens vele Europeanen aan zichzelf en hun lage tempo te danken. Lekker makkelijk om het daar op te gooien, maar dat terzijde. Wij Nederlanders heffen ons graag boven anderen, maar als Amerikanen dat doen zijn het arrogante patriottistische eikels.

Waarom zouden wij beter zijn omdat we het anders doen? Soms is het juist goed om anders te doen. Rijst bij mij meteen de vraag, wat is anders? Is het anders als je niet volgens de gevestigde orde dingen doet? En is anders ook raar? Het schijnt van wel.

Mijn leven is nu compleet anders dan vorig jaar. Toen was mijn leven veilig, zeker en voorspelbaar. Nu flierefluit ik er lekker op los. Alles is anders en voor mij is alles beter. Nog steeds stuit dat soms op onbegrip. Eerder wilde ik mijzelf steeds naar anderen bewijzen. Dat probeer ik nu niet eens meer. Ik weet dat het goed is, straal uit dat het juist fijn is dat alles anders is.

Ik ben mezelf. Dan maar anders. Zeker niet beter. Wel echter.

Post to Twitter